Vrijmetselarij

Minimaliseren

Wat is vrijmetselarij?

De vrijmetselarij is Engels - Schots van oorsprong. Britse leden formuleren haar als "a peculiar system of morality, veiled in allegory and illustrated by symbols." Vrij vertaald: vrijmetselarij is een bijzonder stelsel van moraliteit, gehuld in allegorieën en geïllustreerd door symbolen. Vrijmetselaren beschouwen wereld en leven als een te voltooien bouwwerk. Ieder lid wordt geacht een bijdrage te leveren aan de voltooiing hiervan. De bouw richt zich allereerst op de ontwikkeling van eigen geest en gemoed. In overdrachtelijke zin ziet de vrijmetselaar zichzelf als ‘een ruwe steen’. Door die steen te bewerken tot ‘een kubieke steen’ maakt hij zich geschikt om ingepast te kunnen worden in het gezamenlijke bouwwerk.  Aldus bouwt hij aan zichzelf en aan de samenleving, een activiteit zonder einde.

Geestelijke arbeid
In de werkwijze van de vrijmetselarij kunnen twee vormen van geestelijke arbeid worden onderscheiden. Allereerst de rituele arbeid: in het werken met symbolen en ritualen wordt hij zich meer en meer bewust van zijn eigen plaats in het grote geheel. Ook ontstaat de erkenning van de waarde van de medemens, die net als hij ook niet volmaakt is. De ritus kan gekarakteriseerd woorden als een ernstig spel, waarin de deelnemers geconfronteerd worden met het mysterie van het leven en waarin iedereen voor zichzelf waardevolle gedachten kan ontdekken. De ritus wordt uitgevoerd in de tempelruimte, door vrijmetselaren bij voorkeur ‘werkplaats’ genoemd. Onderscheiden kunnen worden de zgn. inwijdingsritualen (de aanneming tot leerling, de bevordering tot gezel en de verheffing tot meester) en de ritualen die geënt zijn op de wisseling der seizoenen of op de nagedachtenis van een overleden lid van de loge (de zgn. rouwloge).

De tweede vorm van geestelijke arbeid is die van de comparities. Ze vinden plaats in de voorhof, de vergaderruimte in het logegebouw. Hier komen de leden samen om in een ongedwongen en vertrouwelijke sfeer met elkaar van gedachten te wisselen. Een van de leden levert dan een zgn. bouwstuk op. We spreken van een bouwstuk, omdat het bedoeld is als bijdrage tot vorming, als bijdrage tot ‘de bouw’, niet in de laatste plaats van degene, die het bouwstuk voordraagt. De spreker probeert vooral vanuit een persoonlijke betrokkenheid te reflecteren op het onderwerp, en licht daarbij doorgaans ook een tipje van de sluier op die ligt over het eigen zelf waaraan hij arbeidt. Na het bouwstuk vindt er een open gedachtewisseling plaats, waarin  gedachten en ervaringen naast die van de inleider worden geplaatst. Zo wordt er gecompareerd: niemand probeert de ander te overtuigen van zijn gelijk. 

De plaatselijke loges worden overkoepeld door een organisatorisch verband dat 'de Orde van vrijmetselaren onder het grootoosten der Nederlanden' wordt genoemd en dat gevestigd is in Den Haag. Dit 'grootoosten' is de naam voor de algemene vergadering van afgevaardigden van alle loges in Nederland en vormt de hoogste macht in de orde. Er bestaat niet zoiets als 'wereldvrijmetselarij'. Gezien naar het Nederlandse recht zijn zowel de orde als de loge verenigingen als alle anderen met een bestuur, leden, statuten en een huishoudelijk reglement. Inhoudelijk en organisatorisch gezien is de loge de belangrijkste instelling die de orde kent. Mijn kan geen vrijmetselaar zijn zonder lid te zijn van een loge en men kan niet anders tot de orde toetreden dan door zich als kandidaat-lid te melden bij een loge, welke het enige instituut vormt dat een buitenstaander in de orde kan opnemen. Elke loge kent drie soorten leden, namelijk: leerlingen, gezellen en meesters, welke indeling een symbolische betekenis heeft die terug te voeren is op de oude gilden. Na aanneming als leerling wordt men doorgaans een jaar later bevorderd tot gezel en nog een jaar later verheven tot meester. Leerlingen en gezellen zijn volledig lid van de vereniging, zij het dat de bestuursleden steeds uit de meesters worden gekozen.

De loges die behoren tot de Orde van vrijmetselaren onder het Grootoosten der Nederlanden zijn alleen toegankelijk voor mannen. Er bestaan ook loges die voor vrouwen bedoeld zijn (Vita Femina Textura en de Orde van de vrije weefsters) en er zijn gemengde loges (Le Droit Humain).



Beginselverklaring

Voor de beginselverklaring verwijs ik u graag naar de Orde website. Klik hier voor de uitgebreide beginselverklaring.