Nieuws

De kunstverleidster - Door Peter van Eijk

Het ongewone, vervreemdende ervaren van deze pandemie-tijd doet je meer dan gewoonlijk terugblikken op voorbije tijden en ongewisse tijden die nog komen. Het vervreemdende zit ‘m met name in de omgang met anderen, met vrienden, met mensen van wie je houdt: afstand houden tot degenen die je het liefst zou knuffelen, krampachtige contactpogingen via zoom, FaceTime, Skype ,ongewild opgelegd isolement . 

 

 

De sociale bindingen tussen mensen krijgen een andere belichting. Ogen, de blik van mensen naar elkaar, vormen de poort tot sociaal contact. Weinigen hebben dat beter in beeld gebracht dan de Servische ‘kunstverleidster’ Maria Abramovic. In haar performances daagt ze mensen uit om uit hun comfortzone te breken. Ik herinner mij een zeer bijzondere performance die zij in 2010 uitvoerde in het Museum of Modern Arts in New York. Ze zat, gekleed in een opvallende rode jurk met gesloten ogen op een eenvoudige stoel midden in een museumzaal. Bezoekers werden uitgedaagd plaats te nemen op een identieke stoel tegenover haar en haar 15 minuten zwijgend in de ogen te kijken. De stoelen stonden op ongeveer 1,5 meter van elkaar wat het actueel maakt voor onze huidige pandemische 1,5 mtr samenleving. Tijdens het kijken naar elkaar bleken ongekende emoties los te komen. Gezichten/ogen die zo’n 20 cm van elkaar verwijderd zijn, worden meestal als bedreigend/intimiderend ervaren maar 150 cm is een veilige, communicatieve afstand. 

Welke emoties komen dan eigenlijk los? Mensen zoeken allereerst contact, verbinding met elkaar: de ogen weerspiegelen de innerlijke emoties. Wordt het gevraagde contact beantwoord? Is er een sociale klik? Woorden blijven achterwege dus de intensiteit van de blik moet het antwoord geven. Maar direct daarna volgt de fase van de spiegeling, men projecteert in de diepte van de ander de eigen emoties: misschien gemis, het besef van eigen tekortkomingen, mogelijk blijdschap, het gevoel van diepe genegenheid voor die onbekende ander… vormen de donkere ogen van de Servische kunstenares de bron waaruit het gevoel gedrenkt kan worden? 

Maria zag gedurende de drukbezochte dagen in het MOMA honderden mensen tegenover zich zitten tot op een dag haar ex-vriend en lover Ulay tegenover haar zat. Ze hadden 20 jaren geleden afscheid van elkaar genomen ergens op de restanten van de Chinese Muur en elkaar sindsdien niet meer gezien. De ogen van Maria vulden zich langzaam met tranen, ze strekte haar armen uit over de tafel waar Ulay ze vastgreep en woordenloos zijn emotie uitte. Armen, fysiek contact, vormden een nieuwe intiemere verbintenis. Het beeld, ook te zien op You Tube, intrigeerde en ontroerde me. Oogcontact, fysiek contact zijn misschien wel de meest wezenlijke , primaire contactvormen voor ons. 

Nadenkend over de uitdagende performance van Maria Abramovic realiseerde ik me dat ik mensen, ook vrienden, slechts zelden langere tijd recht in de diepte van hun ogen aankijk. Het blijft veelal bij korte blikken ter ondersteuning van gesprekken: blikken van begrip, van af- of goedkeuring, van verwondering, van verbijstering, van angst, van gedeelde blijdschap. Een langere blik heeft een eigen dimensie, vormt een meditatief moment, is een bewuste keuze waar de korte blik veelal onbewust deel uitmaakt van de communicatie (maar daarmee wel van wezenlijk belang is). 

In de huidige 1,5 meter samenleving, waarin fysiek contact met mensen buiten de eigen ‘bubbel’ sociaal ‘uit den boze’ is, is langer oogcontact essentiëler dan ooit. Meegaan in de act van Abramovic dwingt velen van ons de grenzen van de eigen comfortzone te overschrijden. Minutenlang intens oogcontact behoort immers niet tot de gebruikelijke communicatie, wordt in eerste instantie immers als ongemakkelijk gevoeld. En juist daarom lijkt het een uitdaging, een meditatieve uitdaging van de eigen geest. Spiegelen van eigen emoties, bespiegeling van eigen gedrag: Maria Abramovic draagt met haar kunst bij aan zelfkritisch menszijn. Een ‘kunstverleidster’ in de ware zin van het woord.

Voor ons, vrijmetselaars, heeft haar kunst misschien nog wel een extra beschouwende dimensie. We kijken de ander aan, zien onszelf, bevragen onszelf: wie ben ik voor mijn broeders, ben ik trouw aan mijn levensuitgangspunten, waar sta ik maatschappelijk gezien? Worden droom en daad niet teveel belemmerd door, door onszelf opgeworpen, praktische bezwaren en misschien ook maçonnieke regels? 

Ik wens mijn broeders en mijzelf voor het nieuwe jaar 2021 in ieder geval een dergelijke blik naar binnen toe. Laten we elkaar vooral eens diep in de ogen kijken.

Peter van Eijk
 

Print

Theme picker