Geschiedenis

‘Noch de moraliteit, noch de allegorie is de kern van de vrijmetselarij. Maar zowel de moraliteit als de allegorie zijn essentieel om tot haar kern te komen.’

De geschiedenis van loge De Edelmoedigheid begint bij de loge "La Concorde". Deze loge trok mee met het regiment infanterie van luitenant-generaal d'Envie.

Toen La Concorde op 9 februari 1776 in 's-Hertogenbosch werkte, werd door een aantal leden het verzoek tot oprichting van een nieuwe loge gedaan.

Al een paar dagen later, op 16 februari 1776, ontving  die nieuwe loge van de hoofdbestuur in Den Haag zijn formele instellingsdocument, de zogenoemde constitutiebrief. Daarmee was loge De Edelmoedigheid een feit.

De eerste 18 jaren verliepen voorspoedig. Maar nadat de Fransen in 1794 Den Bosch veroverden nam het ledental snel af. En in de daarop volgende jaren kwamen de resterende leden slechts af en toe bijeen.

In 1808 werd de loge nieuw leven ingeblazen. Al snel werd hij echter geplaagd door huisvestings- en financiële problemen. Zo bleek in 1843 een financiële injectie noodzakelijk. Prins Frederik, tweede zoon van koning Willem I, loste dit probleem op door fl. 300,- te schenken.

Tijdens de tweede wereldoorlog ging vrijwel het gehele archief van De Edelmoedigheid verloren. Tot ieders verbazing werd echter in 1953 de originele constitutiebrief op de zolder van een school in ’s-Hertogenbosch teruggevonden en die werd aan de loge teruggegeven.

Op 10 mei 1950 werd aan het hoofdbestuur gevraagd om de zetel van De Edelmoedigheid te verplaatsen naar Tiel. Blijkens bericht d.d. 15 december 1950 werd dit verzoek gehonoreerd.

Het jaar 2016 staat in het teken van het 240-jarig bestaan van De Edelmoedigheid zowel als het 260-jarig bestaan van de Vrijmetselarij in Nederland.

Heden ten dage beschikt De Edelmoedigheid over een eigen gebouw, geheel volgens zijn smaak ingericht en voorzien van alle gemakken en voorzieningen die een loge zich kan wensen.

In 2017 vierden wij het 300-jarig bestaan van de oudste vrijmetselaarsorde in de wereld, de Engelse United Grand Lodge of England. De Nederlandse Orde van Vrijmetselaren is daar in 1756 uit voortgekomen. De Edelmoedigheid is een van de oudste verenigingen in Nederland en bestaat reeds sinds 1776. Na 3 eeuwen heeft de optimistische levenshouding van de vrijmetselaar, waarbij de individuele mens centraal staat, nog niets aan waarde ingeboet.

De gedachte dat mensen gelijkwaardig zijn, broeders van elkaar, en begiftigd met onvervreemdbare rechten, is nog steeds actueel. Er zijn vele wortels, zoals in Schotland en Frankrijk, maar Engeland is de bakermat van de vrijmetselarij. Daar bloeit in de 17e eeuw de Royal Society, een genootschap van vooruitstrevende wetenschappers, onder wie veel vrijmetselaren. In 1666 woedt in het grotendeels houten Londen een enorme brand, die 80% van de stad in as legt. Voor de wederopbouw in steen komen vanuit heel Europa bouwlieden en architecten naar Londen. Op Sint- Jans dag, 24 juni 1717, wordt in Londen door vier loges de eerste overkoepelende Grootloge opgericht. De vrijmetselarij zorgt in de achttiende eeuw voor een doorbraak door het opkomende verlangen naar vrijheid van doctrines.

Concreet laten de vrijmetselaarsloges zien dat mensen van verschillende sociale klassen, met verschillende godsdienstige of humanistische opvattingen, uit verschillende landen met elkaar kunnen samenleven en elkaar bijstand verlenen en respecteren. Uniek voor die tijd is de democratische verenigingsstructuur met een gekozen voorzitter, die verantwoording moest afleggen aan allen. Wat een verademing na een eeuw van godsdienstoorlogen en intolerantie.

De vrijmetselarij is ook een levenshouding voor deze tijd. Vrijmetselarij is geen godsdienst, geen ideologie of levensbeschouwing. En zeker geen sekte of geheim genootschap. De Orde van Vrijmetselaren is een democratische vereniging, waarvan de leden streven naar verdieping van inzicht op geestelijk en filosofisch gebied. In dat streven staat de Orde natuurlijk niet alleen. Maar de vrijmetselarij onderscheidt zich van andere organisaties op dat terrein door haar bijzondere methode van werken. Zij maakt daarbij gebruik van symbolen en rituelen, die op zinnebeeldige wijze de levensloop van de mens uitbeelden.

De vrijmetselarij laat zien dat een leven met diepgang, met religieus besef mogelijk is, zonder van kerkelijke dogma's en overheden afhankelijk te zijn. Het is hierin ook gelegen dat er zoveel misverstanden bestaan rondom de vrijmetselarij.